Alfabetisch overzicht van termen die in deze documentatie voorkomen. Kort, precies, zonder omhaal — geschreven voor beleggers die snel willen weten waar iets over gaat.
A
| Term | Betekenis |
|---|
| AFM | Autoriteit Financiële Markten — de Nederlandse toezichthouder voor financiële markten. Whitefield opereert onder de AIFM-light-vrijstelling en heeft daarmee geen volledige AFM-vergunning nodig zolang het beheerd vermogen onder EUR 100 miljoen blijft. Boven die drempel is een volledige AIFMD-vergunning vereist. |
| AIFM-light | Vrijstelling onder de Wft voor beheerders van alternatieve beleggingsfondsen. Whitefield gebruikt conditie 2: maximaal 150 participanten, minimaal EUR 10.000 inleg per persoon. |
| Alpha | Overrendement ten opzichte van de marktbenchmark — het stuk rendement dat niet verklaard wordt door het meebewegen met de markt. Bij Helios komt dit overrendement uit systematische momentum- en mean-reversionstrategieën. |
| ATR | Average True Range — maat voor de typische dagelijkse koersuitslag van een aandeel. In Helios wordt ATR gebruikt voor positiebepaling: hoe volatieler het aandeel, hoe kleiner de positie. Zie ook: positiebepaling. |
| AUM | Assets Under Management — het totale beheerde vermogen van het fonds. Bepalend voor regelgevende drempels en fondsinkomsten. |
| Audit | Onafhankelijke toetsing van het model en de rendementscijfers door een externe partij. De Helios-audit toetst 25 criteria verdeeld over rendement, risico, robuustheid en methodologie; 21 daarvan worden positief beoordeeld. Details: Auditrapportages. |
B
| Term | Betekenis |
|---|
| Backtest | Simulatie van de handelsstrategie over historische marktdata, met dezelfde regels en dezelfde signalen als live zouden worden toegepast. De signaal-logica is identiek tussen backtest en live handel; het verschil zit in de uitvoering (werkelijke fills, slippage, commissies). De Helios-backtest loopt van 1996 tot vandaag over Amerikaanse beursgenoteerde aandelen. |
| Basispunten (bps) | Eén honderdste van een procentpunt (0,01%). Gangbare eenheid voor slippage en kostenvergelijkingen. Voorbeeld: 50 bps = 0,50%. |
| Bear market | Aanhoudende koersdaling, doorgaans meer dan 20% vanaf de top. Activeert het Bear Market Model (Systeem 2) van Helios. |
| Bear Market Model | Systeem 2 van Helios. Neemt shortposities in tijdens dalende markten op basis van een kortetermijn-momentumsignaal. Bedoeld als bescherming wanneer markten wegzakken. |
| Beta | Gevoeligheidscoëfficiënt die meet hoe sterk een portefeuille of aandeel meebeweegt met de markt. Beta 1,0 = beweegt één-op-één met de markt; beta 1,5 = 50% sterkere uitslagen; beta 0 = beweegt onafhankelijk. Meet marktblootstelling, geen overrendement. |
| Box 3 | Nederlandse belastingbox voor vermogen (spaargeld en beleggingen). Rendement uit beleggingen in Whitefield valt voor particulieren in Box 3. De exacte heffing hangt af van het vermogen en de jaarlijkse fictieve-rendementspercentages; raadpleeg voor persoonlijk advies een belastingadviseur. |
| Bracket order | Gecombineerde order: een entry, een stop loss en een profit target, alle drie tegelijk bij de broker geplaatst. Zodra één ervan raakt, vervallen de andere twee. |
C
| Term | Betekenis |
|---|
| CAGR | Compound Annual Growth Rate — samengesteld jaarlijks rendement. Geeft de gemiddelde groeivoet weer alsof het vermogen elk jaar gelijkmatig was gegroeid. Helios: 21,87% over 30 jaar (EUR afgedekt, 75% CME) en 19,06% EUR reëel na correctie voor Nederlandse inflatie. |
| Calmar ratio | Jaarlijks rendement gedeeld door de maximale drawdown. Meet hoeveel rendement je krijgt per eenheid van het slechtste verlies. Helios: 0,67. |
| Carry cost | Het renteverschil dat je betaalt om een valuta-afdekking aan te houden. Bij EUR/USD gemiddeld circa 98 basispunten per jaar. |
| Circuit breaker | Automatische liquidatie van alle posities zodra de drawdown een vaste drempel overschrijdt. Noodrem binnen het risicokader van Helios. |
| CME Futures (CME-termijncontracten) | Gestandaardiseerde valutatermijncontracten op de Chicago Mercantile Exchange. Whitefield gebruikt EUR/USD-contracten (ticker 6E, Micro-variant M6E) om USD-blootstelling af te dekken naar EUR. Bij eerste vermelding per pagina staat voluit “CME-termijncontracten (CME Futures)”; daarna alleen “CME Futures”. Goedkoper dan IBKR Spot FX vanaf circa EUR 500K AUM. Zie FX-hedging. |
| Correlatie | Maat voor hoe twee rendementsreeksen samen bewegen, op een schaal van -1 tot +1. Helios ten opzichte van de S&P 500: 0,14 als langetermijngemiddelde (1996-2025). Per regime verschilt het sterk: +0,25 in stijgende markten, -0,04 in dalende. Zie Het Bewijs voor de volledige regime-split. |
D
| Term | Betekenis |
|---|
| Depositogarantiestelsel | Bescherming bij faillissement van de broker. IBKR Ireland (IBIE) valt onder het Ierse Investor Compensation Scheme (ICS), met een plafond van EUR 20.000 per belegger. Het Nederlandse Depositogarantiestelsel voor spaargeld (EUR 100.000) is op beleggingen via Whitefield niet van toepassing. |
| Drawdown | Daling van piek tot dal in de portefeuillewaarde, gemeten vanaf de high-water mark. Maximale drawdown van Helios over 30 jaar: −32,51% (EUR afgedekt 75% CME). |
E
| Term | Betekenis |
|---|
| ETL | Extract, Transform, Load — het standaardpatroon voor data-integratie tussen systemen. Bij Whitefield haalt de ETL-pipeline gegevens uit de lokale trading engine (Extract), zet ze om naar het cloudschema (Transform) en schrijft ze weg naar het platform (Load), zodat engine en cloud altijd dezelfde werkelijkheid tonen. |
| EUR Hedged CME | De officiële hoofdmetric voor alle investor-facing Helios-cijfers: rendement omgerekend naar euro, met 75% valuta-afdekking via CME-futures. Reflecteert wat een Nederlandse belegger daadwerkelijk in euro’s ontvangt na valutarisicobeheer. De canonieke kerngetallen (21,87% CAGR nominaal, 19,06% EUR reëel na Nederlandse inflatie, Sharpe 0,91, Sortino 1,27, Calmar 0,67, correlatie 0,14) staan op Het Bewijs en worden centraal onderhouden via 00-key-metrics; alle andere pagina’s verwijzen terug naar die bron. |
| Exposure throttle | Geleidelijke verlaging van de positieomvang per drawdown-niveau. Fijner dan een binaire aan/uit-schakelaar: bij 5% drawdown gaat de blootstelling naar 75%, bij 10% naar 50%, enzovoort. |
F
| Term | Betekenis |
|---|
| Flex API | Rapportage-interface van IBKR die door de broker geverifieerde NAV-, positie- en handelsgegevens levert. Wordt gebruikt om model en werkelijke portefeuille automatisch af te stemmen. |
| Forward-test | Paper trading op live data voordat echte uitvoering begint. De Helios-forward-test draait de volledige signaallogica op een IBKR-paperaccount en verifieert dat het systeem in realtime dezelfde signalen produceert als in de backtest. Onderscheidt zich van paper tracking, dat voor prospects bedoeld is, niet voor validatie van de engine. |
| Front-running | Het vooraf handelen op kennis van aanstaande orders, zodat derden profiteren van de prijsbeweging die die orders veroorzaken. Whitefield publiceert individuele transacties pas na drie maanden vertraging om dit te beperken; geaggregeerde portefeuillecijfers zijn wél direct zichtbaar. |
G
| Term | Betekenis |
|---|
| Groeimodel | Het primaire handelssysteem van Helios (Systeem 1). Koopt aandelen met een sterke momentumtrend en houdt ze aan tot die trend verzwakt. Wekelijkse herbalancering over een breed Amerikaans aandelenuniversum (NYSE/NASDAQ-beursgenoteerde large-, mid- en small-caps). |
H
| Term | Betekenis |
|---|
| Helios | De trading engine en het onderzoeksproject achter Whitefield. Vernoemd naar de Griekse Titan-zonnegod, ouder dan de Olympische goden — kijken, ritme en discipline, geen impuls. Zie ook: Mens & Mythe. |
| High-water mark (HWM) | Het hoogst bereikte NAV-punt. Prestatievergoedingen worden alleen berekend over winst bóven dit niveau. Voorkomt dat beleggers twee keer betalen voor hetzelfde rendement. |
I
| Term | Betekenis |
|---|
| IBKR | Interactive Brokers — de broker voor orderuitvoering. |
K
| Term | Betekenis |
|---|
| KID | Key Information Document (NL: essentieel-informatiedocument) — verplicht onder de PRIIPs-verordening voor particuliere beleggers. Bevat risico-indicatoren, kosten en rendementscenario’s in gestandaardiseerd formaat. |
| Klantvermogen | Het bedrag dat beleggers hebben ingelegd, gescheiden aangehouden van het eigenkapitaal van de broker. Onder MiFID II is deze scheiding verplicht; zie ook Segregatie. Bij faillissement van de broker blijft het klantvermogen buiten de faillissementsboedel. |
| Kristallisatie | Het moment waarop performance fees definitief worden toegerekend aan de beheerder. Whitefield hanteert pro-rata kristallisatie bij eindejaarsuitstap: de fee wordt berekend over de periode dat het vermogen onder beheer was, niet forfaitair over het hele boekjaar. |
M
| Term | Betekenis |
|---|
| Martin ratio | Jaarlijks rendement gedeeld door de Ulcer Index. Meet rendement per eenheid van geaggregeerde drawdown-pijn — minder gevoelig voor één extreem moment dan de Calmar ratio. Helios: 1,79. |
| Max drawdown | De grootste piek-tot-daldaling over de gehele meetperiode. Helios: −32,51% (Europese schuldencrisis en Amerikaanse kredietafwaardering, 2010–2012). |
| Mean reversion | Strategie die oververkochte aandelen koopt in de verwachting dat koersen terugkeren naar het gemiddelde. Het Bear Market Model past dit principe toe via shortposities. |
| Momentum | Strategie die aandelen koopt met sterke recente koersprestaties, in de verwachting dat de trend doorloopt. De kern van het Groeimodel. |
| Monte Carlo-simulatie | Statistische techniek die duizenden willekeurig gesamplede scenario’s doorrekent om uitkomstverdelingen te schatten. Gebruikt in de audit om de robuustheid van het model te toetsen. |
N
| Term | Betekenis |
|---|
| NAV | Net Asset Value — de fondswaarde per participatie-eenheid. Bepaalt wat elke participant bezit. |
P
| Term | Betekenis |
|---|
| Paper tracking | Simulatie zonder echt geld waarmee potentiële beleggers de strategie kunnen volgen voordat ze instappen. Eerst kijken, dan beslissen. De signaal-logica in de paper-omgeving is identiek aan de live handel; het verschil zit in de uitvoering. |
| Participant | Houder van een of meer participatie-eenheden in het fonds. Formele term voor wie daadwerkelijk heeft ingelegd en is toegelaten. Onder AIFM-light conditie 2 geldt een maximum van 150 participanten. In narratieve teksten wordt ook wel “belegger” gebruikt; die term is ruimer en omvat ook mensen die de strategie volgen zonder (nog) te hebben ingelegd. |
| Participatie-eenheid | Een eigendomsaandeel in het fonds. De NAV per eenheid bepaalt de waarde van elke participatie. |
| Performance fee | Prestatievergoeding: een percentage van de winst dat het fonds in rekening brengt bovenop de beheerkosten. Bij Whitefield gaat het om structuren als 1% + 10% of 1% + 20% (1% beheerkosten per jaar over het beheerd vermogen, plus 10% of 20% over de winst boven de high-water mark). De prestatievergoeding wordt alleen berekend over netto nieuwe winst, dankzij de high-water mark. |
| Positiebepaling | Berekening van het aantal aandelen op basis van het risicobudget: aandelen = (vermogen × risicofactor) / ATR. Zorgt dat elke positie evenveel risico bijdraagt, ongeacht de koers van het aandeel. Vorm van risk parity. |
| PRIIPs | Packaged Retail and Insurance-based Investment Products — EU-verordening die KID-documenten verplicht stelt voor particuliere beleggingsproducten. |
R
| Term | Betekenis |
|---|
| Regime filter | Classificatie van de markttoestand als risk-on of risk-off, op basis van de positie van de brede markt ten opzichte van zijn langetermijn-trend. Bepaalt welke systemen actief zijn. |
| Rentmeesterschap | Kernwaarde van Whitefield. Vermogen beheren met verantwoordelijkheid, met het oog op de lange termijn en uiteindelijk ten goede van de samenleving. |
| Risicokader | De derde pijler van Helios. Omvat regime-detectie, positiebepaling, herbalancering en stop losses. Staat altijd aan, ongeacht markttoestand. |
| Risk-off | Marktregime waarbij de brede markt onder zijn langetermijn-trend is gezakt. Blootstelling wordt verminderd; het Bear Market Model wordt geactiveerd. |
| Risk-on | Marktregime waarbij de brede markt boven zijn langetermijn-trend staat. Volledige blootstelling, alle momentumposities actief. |
| Risk parity | Portefeuilleconstructie waarbij elke positie evenveel risico bijdraagt, niet evenveel kapitaal. Volatiele aandelen krijgen een kleinere positie, rustige aandelen een grotere. Helios past dit principe toe via ATR-gebaseerde positiebepaling. |
| RSI | Relative Strength Index — een momentum-oscillator die meet hoe snel koersen over een korte periode zijn gestegen of gedaald. Gebruikt als bouwsteen in het Bear Market Model om oververhitte bewegingen binnen een dalende markt te identificeren. |
S
| Term | Betekenis |
|---|
| Scale factor | Schaalfactor tussen backtestvermogen en live kapitaal: live vermogen / backtestvermogen. Wordt elke periode opnieuw berekend om drift tussen model en werkelijkheid te corrigeren. |
| Segregatie | Gescheiden houden van klantvermogen en het eigen vermogen van de broker. Onder MiFID II is een beleggingsonderneming verplicht klantvermogen in een gesegregeerde klantrekening te houden, zodat het bij faillissement van de broker niet tot de faillissementsboedel behoort. |
| Sharpe ratio | Jaarlijks rendement gedeeld door de jaarlijkse volatiliteit. Meet rendement per eenheid totaal risico. Helios: 0,91 (EUR afgedekt 75% CME). |
| Slippage | Verschil tussen de beoogde handelsprijs en de werkelijke uitvoeringsprijs. In de backtest gemodelleerd met een vierkantswortel-marktimpactformule; live gemeten per transactie. |
| SMA | Simple Moving Average — voortschrijdend gemiddelde van koersen over een vastgestelde periode. Wordt binnen Helios gebruikt als trendfilter en als bouwsteen voor regime-detectie. |
| Sortino ratio | Jaarlijks rendement gedeeld door de neerwaartse afwijking. Straft alleen negatieve volatiliteit af — relevanter dan de Sharpe ratio voor beleggers die vooral om verliezen geven. Helios: 1,27 (EUR afgedekt 75% CME). |
| Stichting Acacia | Aparte rechtspersoon die per statuten overschot-winsten van Whitefield ontvangt, zodra de tien-jaar-operationele-buffer van de BV gevuld is. Eigen bestuur, eigen oprichtingsakte. Doel: herinvestering in onderzoek, financiële educatie en open-source-infrastructuur. Zie Mens & Mythe → Rentmeesterschap. |
| Survivorship bias | Vertekening die ontstaat wanneer gefaalde of van de beurs gehaalde bedrijven buiten de dataset vallen. Helios beperkt dit door point-in-time-data te gebruiken, waarin historische indexleden zijn opgenomen. |
T
| Term | Betekenis |
|---|
| TER | Total Expense Ratio — de totale jaarlijkse fondskosten als percentage van het beheerd vermogen. |
U
| Term | Betekenis |
|---|
| Ulcer Index | Kwadratisch gemiddelde (RMS) van alle drawdowns over de gehele rendementscurve. Vangt zowel diepte als duur in één getal. Helios: 12,19%, tegenover 15,25% voor de S&P 500. |
V
| Term | Betekenis |
|---|
| Volatiliteit | Standaardafwijking van rendementen over een bepaalde periode. Maat voor koersonzekerheid. |
| Vrijstellingsvermelding | Verplichte tekst die onder AIFM-light op al het fondsmateriaal moet staan. Vermeldt dat het fonds niet onder volledig AFM-toezicht valt. |
W
| Term | Betekenis |
|---|
| Wft | Wet op het financieel toezicht — de Nederlandse wet die het toezicht op financiële markten regelt. Whitefield opereert onder de AIFM-light-vrijstelling (artikel 2:66a). |
| Whitefield | Het publieke fondsmerk, te onderscheiden van Helios (de engine). Nadruk op transparantie, toegankelijkheid en rendement dat uitlegbaar blijft. |
| White Ocean | De marktpositie die Whitefield inneemt: systematisch, transparant en toegankelijk — op een plek waar traditionele fondsen nauwelijks zitten. |
| Wwft | Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme — de Nederlandse anti-witwasregeling. Vereist cliëntidentificatie (KYC) en transactiemonitoring. |
Z
| Term | Betekenis |
|---|
| Zone 1 | Publieke, vrij toegankelijke educatieve content zonder regelgevende beperkingen. Zichtbaar voor iedereen: uitleg van het model, rendementsprincipes, marktanalyse. Geen fondsdocumentatie, geen inschrijvingsmogelijkheid. |
| Zone 2 | Afgeschermde content die pas zichtbaar wordt na een bevestiging van geïnteresseerde status. Fondsdetails zoals kostenstructuur, voorwaarden en prospectus zijn hier in te zien, maar vormen nog geen aanbod in juridische zin. Stap tussen ‘kijken’ en ‘participant worden’. |
| Zone 3 | Alleen voor daadwerkelijke beleggers. Persoonlijke portefeuillegegevens, transactiehistorie en live rapportage. Volledige regelgevende verplichtingen (KYC, Wwft) van toepassing. |